|
Johann
Michael Molvanger van
Löben het in 1728 as ’n soldaat in diens van die V.O.C.
na die Kaap gekom en het in 1735 uit die diens getree en as
’n bakker ’n bestaan gemaak. Hy is op 15.5.1735 met
Catharina van As (1695–5.1.1758) getroud. Sy was die
tweede kind van Louis van As (Louis se ouma was die slaaf Mooij
Ansela) en Helena Jansen. Sy was voor haar huwelik met Molvanger
met Johann Sprangel en daarna met Johann Hermann Carstens getroud.
C.
99, pp. 2-16. Dingsdag den 13 September 1735
Geeven met schuldige eerbied te kennen Uwe Wel Edele Gestrenge
en E. Agtb. seer onderdanige dienaaren, Abraham Nicolaas Kina,
mitsgrs. Joachim Nicolaus van Dessin en David D’Aillij, den
eerste halve broeder van moeders weegen, en de twee laatste
behuwde broeders, en dienvolgens naaste bloedmaagen van Ernst
Christiaan Eelders, [6] burger alhier, hoe dat denselven Eelders,
die altoos swak van verstand is geweest, gelijk zulx ieder een
wel bekent is, en seekerlijk burgerraden deeser plaatse ook
niet onbewust sal zijn, seedert een geruijmen tijd herwaarts
door ’t converseeren met slegte geselschappen en sig te buijten
te gaan in den drank, soodanig is verergert geworden, dat buijten
staat is geraakt om zijne goederen gade te slaan, en daar en
teegens deselve verwaarloost, verquist en doorbrengt, soo als
nu onlangs geleeden ten openbaaren blijke van zijn moetwillig
soekende schaade, zijn huijs en erf in deese Tafelvalleij geleegen,
aan den meede burger Jan Frederik Buurman [7] om ofte voor de
somma van vijf duijsend Caabse guldens contant heeft willen
verkoopen, daar hij Eelders in voorige tijden wanneer de vaste
goederen vrij minder golden als teegenwoordig, selfs voor heeft
betaald vijfduijsend en agt hondert guldens, behalven de daaraan
nog gedaane reparatie en onkosten, sijnde hem ook korts bevoorens
door den soldaat Hans Michiel molvanger [8] voor ’t selve huijs
ses duijsend guldens contant aangebooden geworden, met bijvoeginge
dat, soo hij Eelders daarmeede niet te vreeden was, diesweegens
eijsch soude doen, ja dat hij molvanger, soo als aan de twee
laatste onderget. heeft betuijgt, nog wel eenige hondert guldens
soude bijvoegen en sijn woord daaromtrent altijd houden.
Molvanger
is in 1740 oorlede.
Bronne:
C. 99, pp. 2-16. Dingsdag den 13 September 1735
Bydrae:
Navorsing:
|